Wat vinden burgers van de zorg?

ZZWW en Digitale Zorgzandbak inventariseren ook in Hoorn de zorgwensen

Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil (ZZWW) en de Digitale Zorgzandbak kijken tevreden terug op de bijeenkomst met circa 35 vertegenwoordigers van ouderenorganisaties en cliëntenraden van 30 november. Dit is een landelijk project, waar ook Westfriesland aan meedoet.

Inmiddels is nu ook het officiële rapport klaar. Benieuwd?

Klik hier om het rapport ‘Regiodialogen digitale zorg’ te downloaden

ZZWW en de Digitale Zorgbank hebben net als elders in het land ook in Westfriesland een burgerraadpleging georganiseerd om te horen hoe betrokken burgers aankijken tegen de zorg de komende jaren. Het was een nuttige bijeenkomst. De uitkomsten gaan naar het Zorginstituut en vormen input voor landelijk beleid.

Lea Bouwmeester (Digitale Zorgzandbak) vat de grootste gemene deler zo samen:

“Als mensen meer contact met elkaar hebben vergroot dat de betrokkenheid bij elkaar in de wijk en beïnvloedt het de kans op gezondheid positief. Digitale ondersteuning bij zorg kan helpen, omdat contact makkelijker wordt, mits het eenvoudig is én mensen worden geholpen met hun digitale vaardigheden. Het vraagt van de samenleving en mensen zelf een andere mindset. Wat kunnen we wel en hoe worden we digitaal vaardig. Uit de groep kwam ook de oproep: ‘minder medicatie, meer domotica’ zodat mensen langer thuis kunnen blijven wonen. En laten we zorgen dat dit voor iedereen toegankelijk is.”

De Digitale Zorgzandbak is een methode waarbij met concrete praktijkvoorbeelden belemmeringen in het zorgsysteem worden opgehaald. Vervolgens wordt gekeken welke aanpassingen in het beleid en de regelgeving hiervoor nodig zouden zijn. Op verschillende plekken in het land worden hierover gesprekken gevoerd met lokale organisaties. In de Digitale Zorgzandbak nemen onder andere het Zorginstituut Nederland (ZiN), de Nederlandse Zorg autoriteit (NZa) en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) deel. De Digitale Zorgzandbak heeft ZZWW benaderd om deel te nemen aan dit initiatief, omdat zij ZZWW zien als een serieus burgerinitiatief.

Tijdens de bijeenkomst kwamen vragen aan de orde als: Hoe willen we oud worden en hoe kunnen we daar ons op voorbereiden? Wat is de gewenste kwaliteit van leven en hoe behouden we die kwaliteit? Welke zorg is nodig en passend? Hoe kan digitale ondersteuning helpen? Hoe houden we de basiszorg dichtbij?

Dat laatste vindt ZZWW een erg belangrijke vraag, want de zorg in West-Friesland staat onder druk door de extra vergrijzing in de regio, het tekort aan zorgpersoneel en de financiering.

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Fysio’s in problemen?

ZZWW maakt zich zorgen over financiële positie fysiotherapeuten in Westfriesland

 

Op diverse plaatsen in Nederland heffen fysiotherapeuten hun praktijk op, omdat ze het financieel niet meer kunnen bolwerken. Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil (ZZWW) is bang dat ook in Westfriesland fysiocentra gaan verdwijnen. In kleine kernen betekent dit dat patiënten mogelijk verder moeten gaan reizen en in grotere gemeenten zal de drukte bij bestaande fysiotherapiepraktijken toenemen.

 ZZWW vindt dat de zorgverzekeraars fysiotherapeuten een fatsoenlijke beloning moeten geven. Sommige fysiotherapeuten delen een folder uit, waarin ze patiënten adviseren om bepaalde verzekeraars te kiezen die een goedkope verzekering aanbieden met betere voorwaarden voor de fysiotherapeut.

Hoe zit het in Westfriesland? Een voorbeeld…

Erny Sinke (Fysiotherapie Medemblik) is al 40 jaar praktijkhouder. Sluiten is nog lang niet aan de orde, maar ook zij maakt zich zorgen. “De energiekosten stijgen hard, zeker nu we twee jaar geleden naar een groter pand zijn verhuisd. Een ander probleem is dat de fysiotherapeuten die bij ons in dienst zijn, graag salarisverhoging willen omdat de inflatie zo hoog is. Dat snap ik heel goed. Maar wij kunnen dat niet bieden, want die ruimte is er niet. Ik vrees dat ze om zich heen gaan kijken. Dan verliezen wij goede mensen en kunnen er uiteindelijk minder patiënten bij ons terecht.”

 

De vergoeding van de zorgverzekeraars stijgt ook dit jaar nauwelijks volgens Erny Sinke. “We staan al jaren bijna stil. In 15 jaar tijd is de vergoeding maar met slechts een paar euro gestegen. Daarnaast kijken steeds meer patiënten naar een zo goedkoop mogelijke zorgverzekering die precies het aantal behandelingen biedt dat ze volgend jaar nodig denken te hebben. Vervolgens komen die mensen vaak weer terecht bij een specialist in het ziekenhuis die veel duurdere zorg levert dan de fysiotherapie, omdat hun probleem niet is opgelost. Dit draagt niet bij aan het verminderen van de totale landelijke zorgkosten. Kortom, fysiotherapie bespaart geld.”

 

“Zorgverzekeraars vinden dat we doelmatiger moeten werken, maar dat doen we dus al. Fysiotherapie is extreem doelmatig en kosteneffectief, omdat dankzij ons minder medicijngebruik nodig is, minder meniscusoperaties, er minder mensen vallen dankzij onze valpreventiecursussen, enzovoorts.”

Een vuist maken naar de zorgverzekeraars is lastig volgens haar. “Die bepalen zelf de prijs. Met andere praktijken in Westfriesland prijsafspraken en die bij de verzekeraars neerleggen is wettelijk verboden vanwege de mededingingswet. Het ACM ziet hierop toe. Dit geldt voor alle ondernemingen, niet alleen voor zorgaanbieders.”

Wat een fysiotherapeut wel kan doen: de contracten met zorgverzekeraars afwijzen, bijvoorbeeld de zorgverzekeraars waar ze weinig patiënten bij hebben. Als alle praktijken in een bepaald gebied dat doen, ontstaat er een zogeheten ‘witte vlek’ volgens Erny Sinke. “En dan moet de betreffende zorgverzekeraar het praktijktarief betalen wat kostendekkend is. Ze zijn namelijk verplicht fysiozorg te garanderen. We proberen dit nu met onder andere Zorg & Zekerheid.”

Fysiotherapie Medemblik deelt geen folder uit met een keuzeadvies. “We leggen het een en ander uit als ernaar gevraagd wordt. Hoe andere praktijken het aanpakken laat ik graag aan hen over.”

Overigens staat het water Fysiotherapie Medemblik nog niet aan de lippen, want de praktijk heeft dankzij het nieuwe pand extra inkomsten. “We hebben een fitness- en oefenzaal. Daar kunnen mensen een abonnement nemen om te sporten, voor de ouderenfitness en voor Pilateslessen.  Dat snijdt het mes aan twee kanten: de patiënten blijven fitter en gezonder en wij hebben voor een klein deel vaste inkomsten.”

 

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Nieuwe aanmeldmethode Dijklander

Het is even wennen, maar dankzij de vrijwilligers lukt het iedereen

Patiënten mopperen soms wel een beetje op de nieuwe aanmeldmethode die sinds 3 november in het Dijklander Ziekenhuis in Hoorn van kracht is. Maar tot grote problemen leidt het niet. Uiteindelijk komt het bij elke patiënt goed. Dat komt vooral dankzij de vrijwilligers bij de aanmeldzuilen in de hal. Wel zijn er nog wat opstartproblemen. ZZWW heeft de stemming ter plaatse gepeild en het Dijklander gevraagd hoe het ziekenhuis de kinderziektes wil oplossen.

Drie uurtjes op vrijdagmiddag 25 november in de hal van het Dijklander Ziekenhuis in Hoorn levert het volgende beeld op: nagenoeg iedereen die een afspraak heeft, kijkt bij binnenkomst in de hal enigszins zoekend om zich heen. Waar zijn de aanmeldmachines en wie kan me helpen? Vooral tussen twee en half vier is het razend druk bij de aanmeldzuilen en zijn de twee vrijwilligers continu bezig om mensen te helpen. Omdat ze in hun donkerblauwe jasje omringd door patiënten nauwelijks opvallen, spreken sommige patiënten tevergeefs willekeurige mensen aan die stilstaan in de hal. Daarna gaan ze netjes in de rij staan en wachten hun beurt geduldig af.

Het gaat vrij snel

Veel mensen staan een minuut of vijf bij de aanmeldzuil om in te checken, een enkeling doet er – ook met hulp van een vrijwilliger – tien minuten over. Volgens de data van het ziekenhuis duurt het feitelijke inchecken 36 seconden. Eigenlijk is het de bedoeling om je thuis al digitaal aan te melden en je gegevens te controleren. Dan krijg je een qr-code met de poliklinieklocatie erop en mag je bij aankomst zo doorlopen naar de poli. Daar moet je je qr-code voor een (andere soort) machine houden. Je kunt de qr-code uitprinten of downloaden op je smartphone.

Dit staat ook in de afspraakbrief voor de patiënt en op de site van het Dijklander. Maar vrijdagmiddag is die boodschap slechts bij enkelen helemaal juist overgekomen. De meeste mensen lopen naar de zuil in de hal, is op deze vrijdag de observatie. (Twee weken later blijken de cijfers volgens het Dijklander zo te liggen: 45 procent meldt zich online aan, 55 procent checkt zich in bij de aanmeldzuil in de hal).

QR-code

Een paar mensen die een qr-code thuis hebben uitgeprint, proberen op de aanmeldzuil in de hal te scannen en dat gaat niet, want dat kan immers pas op de poli bij een andere machine. Maar ook nu weer zijn het de vrijwilligers die hen uit de brand helpen.

Het ziekenhuis prijst zich gelukkig met 250 vrijwilligers, van wie er altijd een paar aanwezig zijn in de hal. Dit zal niet alleen nu zijn, maar ook in de toekomst volgens een woordvoerder van het Dijklander.

Voor een enkel probleem kunnen de vrijwilligers zelf geen oplossing bieden en dan sturen zij de patiënten door naar de informatiebalie of de inschrijfbalie. Zo ‘lust’ de machine bijvoorbeeld nog geen nieuwe paspoorten. Die glimmen te veel. Wie dat overkomt, kan bij de inschrijfbalie terecht. Het Dijklander belooft dit technische probleem voor 1 januari te verhelpen.

 

Wat zijn de reacties van drie patiënten en een vrijwilliger?

“Op zich was het niet zo moeilijk om mijn zoon en dochter aan te melden via ‘Mijn Dijklander’. Dat kan gewoon met je DigiD”, vertelt Inge Haagman (47), die op een bankje op haar tieners wacht. “Vind ik het een goede zaak?” Daar wil ze even over nadenken. “Persoonlijk contact mis je wel als alles digitaal gaat. En dat vind ik jammer. Ik heb ook geen idee waarom we eerst moeten inchecken en vervolgens moeten aanmelden, eerst voor een qr-code en later nog eens op de afdeling. Wat is voor de patiënt nou het voordeel ten opzichte van het oude systeem, waarbij je op de poli naar de balie ging en vertelde dat je er was?”

Kees Bogers (83) en zijn vrouw waren inderdaad al naar boven gegaan en hoorden daar dat ze weer naar beneden moesten om een qr-code te halen. “We kregen perfecte hulp van die mevrouw in dat blauwe jasje, hoor. Maar we zijn niet zo’n voorstander van alles wat met de computer moet. Het is voor de patiënt onhandig en het lijkt ons kostenverhogend voor het ziekenhuis.”

Een klein meisje trekt aan haar vaders hand en wijst dwingend naar een knuffel in de etalage van het winkeltje. “Haar gloednieuwe paspoort weigerde”, vertelt haar vader, Emiel Duijker (45). “Jammer, want als het nou wel goed werkt kan dit nieuwe systeem wel handig zijn. Al denk ik dat ouderen er nog steeds moeite mee zullen houden.”

Vrijwilligster Maaike van Dort: “Inderdaad, bij ouderen merk ik de meeste weerstand. Maar dat los ik meestal wel met een grapje op en ik bied aan om het samen te doen, wat hen meteen gerust stelt. Als ik ze eenmaal geholpen heb, zeggen ze bijna altijd: ‘Het valt best mee.’ Omdat er nogal wat mensen ook de komende jaren voor het eerst in het ziekenhuis met de aanmelding te maken zullen krijgen, lijkt het me verstandig als er altijd wat vrijwilligers in de hal bij de zuilen staan. Maar ik hoop dat veel mensen thuis gaan aanmelden, want dat is voor hen het handigste.”

Hoe zit het volgens het Dijklander?

Communicatieadviseur Iris Heijnen van het Dijklander Ziekenhuis antwoordt op de drie meest prangende vragen.

 

  1. Waarom is dit systeem nodig?

“We staan voor een grote uitdaging om steeds meer zorg te moeten leveren met steeds minder mensen. Dat vraagt om het efficiënt inrichten van processen (digitaal wat digitaal kan), zodat we onze collega’s voor de directe zorg aan patiënten kunnen inzetten.”

 

  1. Waarom moet je twee keer wat doen?

“Het proces bestaat uit het inchecken (waarbij we o.a. de gegevens van de patiënt checken) en aanmelden (het scannen van het afsprakenticket op de poli, daarmee weten we dat de patiënt er is). Deze twee stappen zijn een technisch gevolg van het gekozen systeem. Op onze website geven we hierover een toelichting, ook over de voordelen voor de patiënt: https://www.dijklander.nl/praktische-informatie/afspraak-op-de-polikliniek. In het kort is dit:

  • Betere check op gegevens, waardoor we de patiënt beter kunnen bereiken
  • Minder lange wachttijd op de poli voor het aanmelden
  • Geen privacygevoelige gesprekken meer aan de balie
  • Betere uitvraag naar uitwisseling van gegevens met andere zorgverleners (waardoor bijv. de huisarts ook kan zien wat er in het ziekenhuis met zijn patiënt gebeurt)
  • Patiënten kunnen thuis inchecken via Mijn Dijklander, dan kunnen ze in het ziekenhuis direct naar de poli lopen
  1. Er is nog veel onbekend bij patiënten, zo blijkt. Hoe gaat het Dijklander de communicatie verbeteren?

“Patiënten worden nu al op verschillende wijzen geïnformeerd over het nieuwe aanmeldproces. Onder meer direct via de afsprakenbrief die zij ontvangen en per mail en indirect via de website (met animatie en aanvullende informatie) en wachtkamerschermen. Daarnaast kunnen patiënten altijd bij de vrijwilligers in de hal en de balie terecht met vragen. In de projectgroep worden de verschillende aspecten van het nieuwe proces regelmatig geëvalueerd. Zo kijken we steeds of we zaken (zoals communicatie) moeten aanpassen. Daarin zal ook aan de orde komen dat sommige mensen er niet van op de hoogte zijn dat ze met hun thuis geregelde qr-code niet beneden in de hal maar op de poli moeten aanmelden.”

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Wat betekent het Zorgakkoord voor u?

Drie experts over de gevolgen van het nieuwe Zorgakkoord voor Westfriezen

Kunt u erop rekenen dat u ook over vijf of tien jaar nog bij de huisarts terecht kunt, dat de wijkverpleging bij u thuis komt en dat u prettig oud wordt? De vergrijzing neemt – vooral in Westfriesland – sterk toe en er is een groot tekort aan personeel in de zorg. Omdat dit overal in het land speelt, heeft het kabinet een Integraal Zorgakkoord (IZA) opgesteld. Wat betekent dat IZA voor u als Westfries? Drie bestuurders uit de zorgwereld leggen het uit in een uitgebreid achtergrondverhaal en uiteraard leest u ook de reactie van Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil…

Wat is het IZA (Integraal Zorgakkoord)?

Het IZA is een plan voor de komende 4 jaar, dat getekend is door diverse partijen in de zorg, zoals de ziekenhuizen, thuiszorg, woonzorg, de Patiëntenfederatie, zorgkantoren, de GGZ, de medisch specialisten en de VNG (gemeenten). Het borduurt voort op de trends die al enige tijd in gang gezet zijn. Maar voor het eerst is er een plan waar zoveel partijen aan meewerken. Dat is het nieuwe eraan. Alleen de Landelijke Vereniging van Huisartsen (LHV) heeft nog niet getekend. Begin 2023 beslist de LHV hierover.

Wie komen er in dit verhaal over het IZA aan het woord?

Deze drie Westfriese zorgprofessionals die er nauw bij betrokken zijn, geven hun visie op het nieuwe Zorgakkoord: Jolanda Buwalda (bestuurder van zorgaanbieder Omring en onderhandelaar over het Zorgakkoord namens Actiz, brancheorganisatie voor de ouderenzorg), Annette Fijn van Draat (bestuurder van zorgaanbieder WilgaerdenLeekerweideGroep) en Marjolein Zwaan (medisch directeur van de Zorgkoepel Westfriesland en huisarts).

 

Meer samenwerking is goed

De experts zijn het over één ding absoluut eens: het is beslist een stap in de goede richting dat dit toekomstplan uitgaat van meer samenwerking. Jolanda Buwalda: “We zijn al jaren bezig in Westfriesland om samen te werken, onder andere met huisartsen, het ziekenhuis, de gemeenten (via de WMO), de woningcorporaties, onze woonzorgcomplexen, de wijkverpleging. Zo is er goed contact tussen Omring en WilgaerdenLeekerweidegroep, beide thuiszorg- en woonzorgorganisaties. Dus het is fijn dat dit zorgakkoord dit punt zo duidelijk naar voren brengt.”

Soepel geregeld

“Patiënten en cliënten willen simpelweg ook dat er geen ‘eilandjes’ blijven bestaan”, voegt Annette Fijn van Draat eraan toe. “Bijvoorbeeld: als je na een ziekenhuisopname thuis extra zorg en ondersteuning nodig hebt, dan wil je dat die makkelijk geregeld voor je worden. En niet dat er allerlei hobbels zijn, omdat de financiering van een ziekenhuisopname anders is dan van de thuiszorg. Daar zou je als patiënt of cliënt niets van moeten merken en nu is dat soms helaas wel het geval.

Muren slechten

Ook op andere vlakken zijn er volgens haar nog wel wat muren te slechten.“Bijvoorbeeld: het is belangrijk dat mensen een goed netwerk behouden, want dan maken ze minder snel aanspraak op zorg. Westfriesland heeft van oudsher al hechte gemeenschappen. Het is cruciaal dat dit behouden blijft. Op dat vlak kunnen er nog wel een paar muren geslecht worden tussen gemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders. Zij spelen bij het behouden van die hechte sociale verbanden een grote rol. Met het tekenen van het Westfriese Woonzorgpact is er gelukkig al een stap in de goede richting gezet. Het is van belang dat er voldoende woningen voor senioren worden gebouwd en op de juiste plek. Gemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders moeten hiervoor risico durven nemen en goed samenwerken. Ik vind het dan ook heel positief dat met het opstellen van dit akkoord de intentie is uitgesproken om de grote uitdagingen waar we in de zorg voor staan sámen aan te gaan.”

Samenwerking op het spoedplein

Jolanda Buwalda vult aan: “Daarnaast hebben we in deze regio bijvoorbeeld een ‘spoedplein’ opgezet, zodat in acute situaties meteen een plek voor een patiënt gezocht wordt in een ziekenhuis of woonzorgcentrum. Dat kan nog wel iets verbeterd worden, omdat vaak de juiste gegevens missen over hoeveel typen bedden, hoeveel acute wijkteams er zijn en wie er ’s nachts of in het weekend paraat is. Dat kunnen we beter aan elkaar knopen, maar de intentie is er. En dat past mooi in de lijn van het nieuwe Zorgakkoord, waarin de regio een grotere rol gaat spelen.”

Huisartsen vrezen problemen

“Dat we samen voor grote uitdagingen staan en ook samen de problemen moeten oplossen, deel ik”, zegt Marjolein Zwaan. “Echter, waar zowel ik als medisch directeur en als huisarts bang voor ben is dat er nog meer bij de huisartsen terecht komt dan nu al het geval is. Bijvoorbeeld als ziekenhuizen nog meer afschuiven naar huisartsen. Op dit moment komen stabiele hartpatiënten na hun operatie al onder controle van de huisarts. Dit is in goed overleg overigens zo afgesproken. Maar het is wel een taak erbij. En nog meer taken erbij betekent dat onze werkdruk extra toeneemt, terwijl we het al heel erg druk hebben. Een ander knelpunt ontstaat als de rest van de ondersteuning die patiënten nodig hebben niet goed geregeld is. Ik doel hierbij onder andere op de wachtlijsten bij de GGZ of de gemeente die niet snel genoeg de schuldhulpverleningsaanvragen kan verwerken. Met name als de oorzaak van bepaalde medische problemen van patiënten niet medisch zijn, zie ik dat nu al in de spreekkamer terug.”

‘Het is vaak niet alleen medisch’

Kan Marjolein Zwaan een concreet voorbeeld geven? “Jazeker, iemand met schulden kan met hoofdpijn of depressieklachten bij ons terechtkomen. We kunnen dan wel een pilletje voorschrijven, maar de hoofdpijn gaat pas weg als de patiënt via de schuldhulpverlening van de gemeente geholpen wordt en dat is nogal een ingewikkeld traject om voor in aanmerking te komen. Dus dat lukt vaak niet of duurt heel erg lang. Eenzaamheid idem dito: wie zich alleen voelt, focust zich meer op lichamelijke problemen, terwijl een beetje aandacht afleidt en dan zijn de lichamelijke problemen een stuk minder. Maar als huisarts kunnen wij daar niet veel aan doen, behalve aanraden dat iemand een keer naar het buurtcentrum gaat. Als dat tenminste nog open is. En daar zit de crux: we krijgen veel op ons bord. Maar doordat andere instanties of de gemeente het niet kunnen oppakken, blijven de patiënten bij ons komen. En ondertussen is de werkdruk bij huisartsen en ons ondersteunend personeel zo hoog dat sommigen afhaken, waardoor de druk op de huisartsenzorg nog meer toeneemt.”

Huisartsen: “Eerst zekerheid over compensatie!”

De reden dat de huisartsen tot nog toe het IZA niet hebben getekend is dan ook dat zij eerst van het kabinet duidelijkheid willen hebben over hoe redelijke vergoedingen, extra personeel, minder administratieve last en mede daardoor afname van de werkdruk geregeld worden.

‘Al die gegevens invullen kost te veel tijd’

De administratieve rompslomp die zoveel tijd kost, is overigens ook Annette Fijn van Draat een doorn in het oog. Dus ook zij wil graag dat het kabinet en de brancheorganisaties het de komende jaren oppakken. “Waarom dat nog niet gebeurd is terwijl het al jaren speelt? Een combinatie van complexiteit en koudwatervrees, denk ik. De gedachte bij de overheid en brancheorganisaties is ‘vertrouwen is goed, maar controle is beter’. Bovendien is het lastig te overzien wat de afschaffing van registratie betekent voor de verantwoording. En de roep om verantwoording is groot. Een aantal jaren geleden was de controleslag wellicht nodig, maar inmiddels is het opleidingsniveau en de kwaliteit van zorgmedewerkers sterk verbeterd en kun je wellicht nu wel een keer kijken of die controle nog wel zo hard nodig is. Hoe minder zorgmedewerkers bezig zijn met opschrijven wat ze doen, hoe meer ze bezig kunnen zijn met cliënten.”

Voorkomen is beter dan genezen

Een ander speerpunt van het Zorgakkoord is preventie, oftewel voorkomen dat mensen zorg nodig hebben. Bijvoorbeeld door cursussen waarbij je leert hoe je minder snel valt of hoe je je opvangt als je valt. Of door te stimuleren dat mensen op tijd in hun leven gaan nadenken over waar ze willen wonen om sociale contacten te blijven houden. Dat vinden alle drie een belangrijk punt. Marjolein Zwaan voegt er nog wat anders aan toe: “Nadenken en met elkaar spreken over hoe lang je wilt doorgaan met behandelen in de laatste fase van iemands leven is nu nog een groot taboe in de samenleving. Maar moet je wel altijd doorgaan met chemo’s waar je heel erg ziek van wordt of zeg je op een gegeven moment ‘het is mooi geweest, ik ben klaar om te sterven?’. Ik vind persoonlijk dat dit meer bespreekbaar gemaakt moet worden, zodat op tijd duidelijk is bij de arts en de familie wat de patiënt wil. Dat vind ik indirect ook een vorm van zorgpreventie.”

Hoe zit het met het geld voor de wijkzorg?

Een kwestie waarover de meningen enigszins verdeeld zijn in het land is de wijkzorg. Jolanda Buwalda: “Ik ben blij met de erkenning van het belang van de wijkzorg in het IZA.” Annette Fijn van Draat merkt op dat er desalniettemin wel bezuinigd wordt op de thuiszorg, ook al is in die sector tijdelijk wat minder uitgegeven. De V&N (Beroepsvereniging Verzorgenden en Verpleegkundigen) heeft er bezwaar tegen gemaakt en Annette Fijn van Draat staat daarachter.

Jolanda Buwalda (als bestuurder van Omring, die ook thuiszorg aanbiedt) legt uit: “Het ligt vrij genuanceerd. Ja, er wordt bezuinigd, maar toch ook weer niet. Het zit zo: de wijkzorgpot is al enige jaren niet volledig opgemaakt, onder andere door onvoldoende medewerkers. Het kabinet geeft daarom de komende vier jaar 533 miljoen in plaats van 600 miljoen – wat er eerst beschikbaar was voor de wijkverpleging. In 2023 is er al meteen 175 miljoen van die 533 miljoen beschikbaar. Daarmee mogen de zorgverzekeraars extra wijkzorg inkopen, dus er kunnen meer mensen geholpen worden. Het geldt voor het hele land uiteraard, niet alleen voor Westfriesland.”

Hopelijk geen wachtlijsten voor gespecialiseerde thuiszorg

“Ik ben blij met het geld voor extra wijkzorginkoop. Het voorkomt hopelijk wachtlijsten voor bepaalde zorg. Het betekent bijvoorbeeld dat er meer kankerpatiënten gebruik kunnen maken van gespecialiseerde thuiszorg, iets wat Omring sinds een aantal jaren aanbiedt. Zij krijgen onder andere begeleiding als ze zichzelf thuis hun chemo toedienen”, zegt Jolanda Buwalda.

Speciaal potje

Daarnaast is er een fonds van 75 miljoen om de wijkzorg toekomstbestendig te maken. Jolanda Buwalda: “Concreet: als er in de toekomst meer gedaan moet worden met minder mensen en minder geld, dan moet dat wel kunnen. En dat kan bijvoorbeeld door doelmatiger te werken en door mensen meer zelf te laten doen. Een voorbeeldje uit de praktijk: nu al leren we cliënten zelf hun steunkousen aan te doen met een handig hulpmiddel met klittenband, dat Omring heeft ontwikkeld. Dan hoeft de thuiszorgmedewerkster dat niet te doen en houdt zij tijd over voor dingen die harder nodig zijn. Die 75 miljoen gulden zie ik als een mooie stimulans om – in heel Nederland – nog meer van dit soort vernieuwingen te bedenken. Zodat we de zorg goed houden, maar de zorgmedewerkers minder belast worden.”

Meer digitale ondersteuning

Vanaf 2025 heeft iedereen in Nederland digitaal toegang tot hun eigen zorgdossier. Jolanda Buwalda: “Ook huisartsen en specialisten kunnen in dat zorgdossier, als u toestemming geeft. In onze regio bestaat het al. Het betekent dat huisartsen niet meer de medicijnlijst hoeven te faxen naar een zorginstelling. Ja, de fax, dat gebeurde tot voor kort nog. Een ander voorbeeld is de slimme diabetesmeter, die diabetespatiënten zelf kunnen aflezen en zo kunnen ze bepalen hoeveel insuline ze nodig hebben. Dat scheelt per week soms wel twintig bezoekjes van de thuiszorg!”

Zorg via de smartphone of iPad

Bovendien is het de bedoeling dat u vaker contact via beeldbellen of een app op uw telefoon heeft met ziekenhuis of uw huisarts. Zo’n app heeft het Dijklander sinds kort al: bij een botbreuk krijgt u voor de nazorg begeleiding via een app en hoeft u niet naar het ziekenhuis te komen. Annette Fijn van Draat: “E-health erbij betrekken is een belangrijk punt. Ook bewoners en cliënten moeten mee in de transformatie. Als WLGroep bieden we hier dan ook diensten voor aan.”

Kan iedereen dat wel?

De vraag is: gaat dit voor mensen die digitaal niet zo vaardig zijn, wel werken? Marjolein Zwaan herkent deze twijfel. “Bijvoorbeeld mensen die laaggeletterd zijn of geen geld voor een laptop of computer hebben, zul je zo uitsluiten.” Geldt dat ook voor ouderen? “Soms, leeftijd an sich hoeft geen bezwaar te zijn. Zo blijkt uit onderzoek dat een flink deel van de ouderen zich prima digitaal redt.”

Mantelzorgers krijgen het nog drukker

Tot slot, wat gaat u als Westfries nog meer merken van het Zorgakkoord? De rol van mantelzorgers moet nog groter worden, al blijkt onder andere uit een onderzoek van ZZWW van een paar jaar geleden dat zij nu soms al overbelast zijn. Volgens de drie experts is dit echter onvermijdelijk omdat het motto van het kabinet en de zorgaanbieders al jaren is dat mensen langer thuis moeten blijven wonen. Dat kan vaak alleen als er ook mantelzorgers klaar staan. En zelfs in woonzorgcomplexen zal er steeds vaker een beroep worden gedaan op mantelzorgers, bijvoorbeeld om hun ouders of partner te helpen met douchen.

De mening van ZZWW over het IZA

  • We moeten realistisch blijven over nog meer inzet van mantelzorgers. Het is geen wondermiddel.
  • Draagvlak bij inwoners voor noodzakelijke veranderingen is essentieel, ofwel een organisatie als ZZWW is meer dan ooit nodig (burgerparticipatie wordt overigens ook vaak genoemd in IZA-akkoord).
  • Twijfel voor ondertekening van akkoord bij huisartsen vindt ZZWW zeer begrijpelijk. Als je meer op je bord krijgt, moet daar ook een structurele en betere vergoeding tegenover staan.
  • Er wordt hoegenaamd niets gedaan aan financiële ontschotting. De politiek loopt daar voor weg.
  • E-health (digitalisering) is nodig, maar slaagt alleen als gebruikers daar vanaf het begin bij worden betrokken.

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


In 2023 weer meer betalen

Zorg Zoals de Westfries het Wil vindt forse verhoging zorgpremies een slechte zaak

De basiszorgverzekering wordt weer flink hoger komend jaar. De premie stijgt gemiddeld met 10 euro per maand, dus zo’n 120 euro per jaar. Dat komt mede door het afschaffen van de collectieve korting. De boodschappen zijn duur, de energiekosten hoog, de benzineprijzen schrikbarend en nu gaan ook de zorgkosten nog omhoog. Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil (ZZWW) vreest dat sommige Westfriezen (nog meer) in de problemen komen.

 

Blijf de premies niet jaarlijks verhogen, maar kijk hoe je de zorg doelmatiger, efficiënter en effectiever kunt maken, vindt ZZWW. “Er valt beslist te besparen zonder dat Westfriezen slechtere zorg krijgen. Een van de beste voorbeelden daarvan is zorgvuldiger medicijnen voorschrijven en beter controleren of patiënten de juiste medicijnen op de juiste manier gebruiken.”

Uit een onderzoek van ZZWW bleek dat patiënten bijvoorbeeld na een ziekenhuisopname extra medicijnen voorgeschreven kregen, terwijl niet gekeken werd of die dubbelden of tegenstrijdig waren met hun oude medicijnen. Sommige mensen weten bovendien niet precies hoeveel en wanneer ze de medicijnen moeten innemen, waardoor ze minder effectief zijn of meer medicijnen gebruiken dan nodig is. ZZWW heeft al meerdere keren aangedrongen om het onderzoek, dat in Stede Broec is gehouden, uit te breiden naar de rest van Westfriesland. Het onderzoek bestond namelijk uit een medicijncheck door de apotheek. ZZWW vindt dat iedere Westfries regelmatig een medicijncheck zou moeten krijgen. Inmiddels wordt het onderzoek gelukkig inderdaad uitgebreid.

 

Lees meer over het onderzoek naar medicijngebruik van ZZWW en Stede Broec Apotheken

 

Daarnaast zegt ZZWW over de premieverhoging: “Er komt op een gegeven moment vast ook een eind aan de loyaliteit van mensen als de premie alsmaar wordt verhoogd zonder dat zij zelf iets te zeggen hebben over de zorg. Wij vinden dat burgers meer zeggenschap moeten krijgen over welke zorg er in Westfriesland is en hoe de zorgwereld is ingericht. Sterker nog, dit is de reden dat we ZZWW in 2016 hebben opgericht.”

 

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Dankzij ZZWW wel met het OV naar de prik

GGD start met twee beter bereikbare vaccinatielocaties in Hoorn

Mede dankzij de brandbrief die Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil (ZZWW) heeft gestuurd over de slechte bereikbaarheid, richt de GGD eind oktober in Hoorn twee nieuwe pop-up priklocaties in: in het GGD-kantoor in de Maelsonstraat en op het Betje Wolfplein. Die zijn veel beter bereikbaar met het OV dan de locaties in De Hem en Middenmeer.

Ook elders in Noord-Holland Noord komen er tijdelijke priklocaties bij. De GGD vermeldde dat in het antwoord dat ZZWW per brief heeft gekregen. Daarnaast wijst de GGD erop dat er geprikt wordt in woonzorgcomplexen en bij mensen thuis.

Goed nieuws, vindt ZZWW

ZZWW is blij dat de GGD de brief van ZZWW serieus heeft genomen en uiteraard vooral opgelucht dat er meer vaccinatielocaties bijkomen, waar je wel met de bus of trein naartoe kunt. “Zo krijgen zo veel mogelijk mensen de kans om zich tegen corona te laten vaccineren”, aldus het bestuur van ZZWW.

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


‘Met de bus een prik halen is nu onmogelijk!’

ZZWW vraagt GGD om beter bereikbare vaccinatielocaties in Westfriesland

Eerst waren de testlocaties al niet goed bereikbaar met het OV en nu is het voor mensen zonder auto bijna onmogelijk om zich te laten prikken, omdat er geen bus of trein komt bij de twee vaccinatielocaties voor corona in Westfriesland. Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil vindt dat een onwenselijke situatie en heeft daarom de GGD vorige week een brandbrief gestuurd.

 

“Vanwege achterblijvende resultaten en oplopende besmettingscijfers heeft minister Ernst Kuipers onlangs een oproep gedaan om je toch vooral te laten vaccineren tegen corona. Wij ondersteunen die oproep van harte, zeker voor waar het om de zogenaamde kwetsbare groepen gaat. Naar onze mening is een hogere opkomst gebaat bij makkelijk, ook per openbaar vervoer bereikbare vaccinatielocaties.

 

Wij constateren, dat voor de regio Westfriesland op dit moment alleen de locaties Hem,Tennishal Stebo en Middenmeer, Agriport, operationeel zijn.

 

Deze locaties zijn voor mensen zonder eigen vervoer niet te bereiken. In het licht van de oproep van minister Kuipers vragen wij ons af of u niet snel nog een locatie, beter bereikbaar met bijvoorbeeld openbaar vervoer, moet openen. Wij denken dat dit zeker zal bijdragen tot een hogere opkomst. Gelet op de verwachte ontwikkelingen rond corona vragen wij u dit verzoek serieus in overweging te nemen.”

 

Aldus de brief die ZZWW aan de GGD stuurde op 14 oktober.

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


ZZWW tegen inperking van vrije artsenkeuze

“Laat Westfriezen zelf hun arts of fysiotherapeut kiezen”

Stichting Zorg Zoals de Westfries het Wil (ZZWW) heeft met verontrusting kennis genomen van de plannen van het kabinet om de vrije artsenkeuze in te perken. “Wij roepen inwoners van Westfriesland op deze ontwikkeling nauwlettend in de gaten te houden en bij hun zorgverzekeraar aan de bel te trekken als het die kant opgaat.”

In het concept-zorgakkoord dat vroegtijdig is uitgelekt stelt het kabinet voor om de keuzevrijheid van patiënten te beperken. Zij worden verplicht naar een zorgverlener te gaan met wie hun zorgverzekeraar een contract heeft. Volgens ZZWW wordt de toch al grote invloed van de zorgverzekeraars door deze ontwikkeling nog versterkt, zonder dat de burger, als premiebetaler hier iets over te zeggen heeft. “De directe invloed van de premiebetaler is sowieso al gering, maar wordt hierdoor nog minder.”

Dit plan is bedoeld om de stijgende uitgaven in de gezondheidszorg te beteugelen. “Wij begrijpen dat het noodzakelijk is om kritisch naar de uitgaven te kijken. Maar er zijn ook andere mogelijkheden om dit probleem aan te pakken. Zoals het aantal onnodige geneesmiddelen bij patiënten verminderen. Uit eigen onderzoek van ZZWW samen met de Apotheek Stede Broec blijkt dat op dit punt veel winst valt te behalen zonder dat de kwaliteit van de gezondheidszorg wordt aangetast. Helaas vond de door ons benaderde zorgverzekeraar, VGZ, het niet nodig om ons beperkte onderzoek uit te rollen over heel Westfriesland. Een gemiste kans, maar het kan natuurlijk alsnog”, aldus ZZWW.

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Achterban in beeld

Margareth Sijm: ‘Pas huizen aan zodat ze levensbestendig worden’

 

 

 

Margareth Sijm is particulier ambulant-begeleider van ouderen in Noord-Holland en een van de bezoekers van de discussiebijeenkomst van ZZWW in mei. “Wat een goed idee dat ZZWW dit georganiseerd heeft en de afgelopen tijd het debat over samenwerking om onder andere de woningnood op te lossen heeft aangezwengeld.”

 

“Als kleine zorgaanbieder zie ik vooral in de praktijk waar de knelpunten zitten. Zo zijn sommige huizen op dit moment eigenlijk niet geschikt voor ouderen. Bijvoorbeeld omdat de douche boven zit of veel te klein is. Of omdat de kamers en de keuken te hokkerig zijn. Met een rollator kun je er eigenlijk niet uit de voeten en dan wordt de kans dat een bewoner valt heel groot. Hun huis moet aangepast worden, maar daar hebben ze geen geld voor en door de gemeente worden aanvragen niet zo snel goedgekeurd”, zegt ze.

“Dus ik zou zeggen: woningcorporaties, doe hier ook wat aan! Maak meer woningen levensbestendig en bouw daarnaast ook meer seniorenwoningen of woonzorgwoningen.”

Het opsplitsen van boerderijen vindt ze bovendien een goed plan. “Daarvan zijn er in de dorpen meer dan genoeg. Er is zeker behoefte aan.”

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief


Achterban in beeld

Karen Houwen: ‘Zorgverzekeraars financier welzijnsprojecten, want preventie betaalt zich uit’

 

 

 

Als directeur van ONS Stedebroec was het voor Karen Houwen slechts een kwestie het openen van de deur van haar werkkamer om de bijeenkomst van ZZWW in mei te bezoeken. De welzijnsorganisatie zit namelijk in het gebouw waar het ZZWW-debat werd gehouden. De roep om samenwerking sprak haar erg aan. “Kijk over je eigen schutting heen, dan kom je met zijn allen verder, is mijn stellige overtuiging.”

 

“Ik zie gelukkig wat samenwerking betreft al wat positieve ontwikkelingen in onze regio, hoor. Onder andere binnen mijn eigen werkgebied. Zo werken we samen met Omring, de Woonschakel en de huisartsen in Stedebroec. Met de huisartsen hebben we zelfs het project ‘Welzijn op recept’ opgetuigd. Samen proberen we te achterhalen wat iemand nu echt nodig heeft en daar op in te spelen. Zo stellen wij bijvoorbeeld een welzijnscoach voor die persoon aan”, vertelt ze.

“Het probleem is echter dat de financiering van ‘Welzijn op recept’ op een gegeven moment ophoudt als de gemeentepot leeg is. Ik hoop dat VGZ of een andere partij dan daarop wil inspringen. Want uiteindelijk hou je mensen uit de zorg als je hun welzijn verbetert. Preventie is enorm belangrijk. Dus de zorgverzekeraar vaart er financieel wel bij als iemand in de informele sfeer wordt geholpen.”

Terug naar de nieuwspagina

Meld u aan voor de nieuwsbrief